Van samen denken word je wijzer

het gevaar zit in het denken

De stelling van vanavond komt van Hannah Arendt. Zij schrijft in ‘de banaliteit van het kwaad’ dat het gevaar in het denken zit. Voor de persoon die deze stelling in brengt is het een opluchting, geeft het een gevoel van openbaring. De persoon die deze stelling inbrengt beschouwt Eichmann’s functioneren als een louter uitvoeren van de boekhouding. Eichmann dacht alleen maar en liet zijn gevoel in deze niet mee wegen. Ze ziet een zelfde tendens in de wetenschap en een rationele levenshouding die de wereld volledig objectiveren en het menselijk gevoel buiten beschouwing houden. Ten slotte betrekt ze het op mediteren, ook hier is het denken gevaarlijk. Ook in meditatie is het de bedoeling om het denken niet te activeren. Gedachten mogen weliswaar opkomen maar het denken mag ze niet ‘vastpakken’.

Na deze uitleg komen de eerste vragen, kanttekeningen op tafel. Er wordt om te beginnen een onderscheidt gemaakt tussen zelfstandig-denken en niet-zelfstandig-denken. Zou het zo kunnen zijn dat het gevaar van het denken van Eichmann besloten ligt in het feit dat hij niet zelfstandig denkt, dat hij kritiekloos de de gedachten van de mensen uit zijn omgeving overneemt. Zou het niet zo kunnen zijn dat Eichmann zijn eigen denken niet heeft willen horen. Als hij zelf had nagedacht dan was hij altijd tot een of andere vorm van geweten gekomen, dat zijn activiteiten tot onmenselijke praktijken leiden.

-------

JH: achterliggende gedachte hierbij is, dat een mens over een aangeboren ethisch kompas beschikt, een kompas waar hij weliswaar naar op zoek moet gaan, maar die wel in iedere mens aanwezig is. Het zelfstandig denken is dan het zelfonderzoek, zoals we dat bij Socrates tegenkomen.

-------

Deze gedachte van zelfstandig denken roept de vraag op naar het goede denken: wanneer denk je goed en wanneer denk je het goede? Is het niet zo, dat iedereen mens in de basis denkt dat hij juist denkt en goede gedachten heeft. Technisch goed denken - logisch redeneren is een algemeen aangenomen goede manier van denken. Overigens wil dit niet zeggen dat mensen logisch denken.

Is “jezelf vragen stellen” een centraal onderdeel van het ‘goede denken’?

Hoe kan het dat mensen in staat zijn om iets dat onethisch is, toch goed te vinden? Gesuggereerd wordt dat de denkkaders door de tijd heen enorm zijn verandert. Zaken die wij tegenwoordig onethisch vinden waren ooit aan de orde van de dag, zoals slavernij en een achtergestelde positie voor de vrouw. Ook in religieuze aangelegenheden is te zien dat ethische denkkaders veranderen. Gesteld wordt dat veel religies vandaag de dag oude ethische denkkaders hebben met betrekking tot seksualiteit, de rol van de vrouw, etcetera.

De vraag wordt gesteld of mensen in staat zijn om los van conventies te denken. Ethische kaders, sociale denkkaders zijn vormen van conventies, dat wat iedereen normaal en gewoon vindt. Gedachten die we meekrijgen via cultuur en opvoeding. Ook via opinie worden onze denkkaders gevormd. Veel denken lijkt zo bepaald te worden door de waan van de dag, zonder dat we stilstaan bij het proces of de inhoud.

Even definiëren: Wat is denken?

  • Misschien zijn er drie denk-processen te onderscheiden:
  • Het denken als het totale gedeelte aan gedachten die een mens heeft en die het uitgangspunt vormen van zijn oordelen en handelen.
  • Het proces van het denken, zoals het logische denken - het redeneren - waarbij de inhoud niet relevant is, maar er alleen maar gekeken wordt naar de juistheid van redeneringen.
  • Het denken als activiteit, waarbij een mens iedere vrijheid heeft om zich van alles voor te stellen, allerlei activiteiten te ondernemen, mogelijke oplossingen voor vraagstellingen te verzinnen, zonder dat hierbij een uiterlijke activiteit aan de dag wordt gelegd.

Welk denken is nu gevaarlijk?

Het lijkt erop dat in het concept ‘denken’ van Arendt het ethisch oordelen niet is opgenomen. Ze concludeert namelijk dat Eichmann voorafgaand aan zijn handelen zich niet heeft afgevraagd ‘wat zou ik ervan vinden als ik in die vrachtwagen terecht zou komen?’ Hij heeft zich niet geïdentificeerd met de ander, de ander die de consequenties van zijn handelen ondergaat. En mocht Eichmann dit wel gedaan hebben, dan heeft hij niets gedaan met zijn eigen gevoel van ‘dit zou ik niet willen’. Uit het verloop van het proces wordt duidelijk dat Eichmann getuige was van het vergassen van joodse mensen in vrachtwagens via de uitlaatgassen van die vrachtwagens. Hij vond dit zo’n afschuwelijk gezicht dat hij dit niet kon aanzien, hoe moest zijn gezicht afkeren. Eichmann heeft niets met deze ervaring en beleving gedaan.

------

JH: het ethisch oordelen van Arendt bestaat uit een tweetal operaties:

  • de verbeelding - het niet langer aanwezige of het nog niet aanwezige wordt in de verbeelding voor de geest gehaald
  • de operatie van reflectie - de verbeelde situatie wordt beoordeeld.
In de act van het keuren (beoordelen) speelt de census communis een rol, ze bepaald namelijk de mate van mededeelbaarheid. Verdriet bij dood kunnen we eenvoudig meedelen en hierbij ontstaat al gauw goedkeuring / instemming. Haat en nijd zijn veel minder medeelbaarheid. Het meedelen van een oordeel leidt zodoende altijd tot een gevoel van behagen of onbehagen mede afhankelijk van de census communis.

Was er in de verklaring van Eichmann sprake van een census communis die hem deed buigen naar dergelijk onethisch gedrag. Daar lijkt hij zich niet op te beroepen. Hij lijkt niet gehandeld te hebben vanuit lijfsbehoud, uit vrees niet te kunnen blijven, maar hij heeft gewoon niet geoordeeld over dat wat hij gezien heeft (verbeelding was niet eens nodig).

------

“ik ben bang voor het wetenschappelijk denken”
Het wetenschappelijk denken ontbeert het gevoel dat bepaalt of dat wat ‘bedacht en uitgevonden wordt’ wenselijk is. Wetenschap leidt tot goede en tot slechte dingen.

Hier wordt de gedachte naast geplaatst dat het er niet om gaat wie of wat er bedacht wordt, maar wel om wat een (individuele) mens ermee doet. Zo kun je buskruit gebruiken om vuurwerk te maken en hiermee mensen behagen, of om angst en verderf te zaaien en zo mensen te onderdrukken en angst in te boezemen. Niet het buskruit is een probleem, maar de mens die er niets onethisch mee doet.

Bacon beschrijft in zijn Atlantis de absolute a-moraliteit van wetenschap. De wetenschapper moet alle ruimte krijgen om te bevragen en om te onderzoeken, en alles moet onthouden en bewaard worden. Er moet echter een groep wijzen waken over de praktische toepasbaarheid en daarmee wat de mensheid ten goede komt. Benedictus beschrijft in zijn regels voor de kloosterorde een gelijk proces. De abt moet een groep wijze om zich heen verzamelen, die hem vrijelijk adviseren in zaken zodat de abt, pas na consult, een beslissing kan nemen en zo een wijs besluit kan nemen.

Maar wat is dan ‘een wijs besluit’?
“Zelfstandig denken is helemaal niet zo wijs, omdat het doorgaans leidt tot uitsluiting, tot een sociaal isolement.” Tenminste zo adviseert Spinoza een vriend, die graag een sociaal leven wil, wil trouwen en kinderen wil krijgen. Is de wijsheid van Spinoza die in de advies tot uitdrukking komt dezelfde wijsheid die Benedictus aan zijn wijzen vraagt?

Ligt wijsheid besloten in de intentie van de daad of in de intentie waarmee uitvindingen worden gedaan?

Andermaal wordt de vraag geopperd wat denken is; en dan specifiek waar bevindt zich het denken in het lichaam? Denken we met ons hoofd of met ons hele lichaam? Zintuigen leveren de input vanwaaruit het denken op gang komt. Maar er is ook een emotionele betrokkenheid, die ons denken beïnvloedt.

Andere vragen:

  • Kan opportunisme ook een succesvolle strategie zijn?
  • Geeft gelijkmoedigheid meer levensvreugde / kwaliteit van leven of leidt het tot vervlakking en daarmee minder passie en levensvreugde.
    • Kun je gelijkmoedigheid realiseren
    • Gelijkmoedigheid: constante gemoedstoestand, evenwichtigheid, harmonie, bedaardheid
  • Hoe in het nu te zijn?
  • Waarom mogen we een mug wel doden en een paard niet?

blog comments powered by Disqus

We plaatsen cookies, zo min mogelijk en geanonimiseerd.