Van samen denken word je wijzer

moreel oordelen bij strijdige belangen

De vragen en stelling die deze avond werden voorgesteld zijn:
Waarom is een hobby uitoefenen zo leuk?
Wat is de filosofische verklaring van inkomensverschillen?
De associaties van ons denken (David Hume) - (te vinden in: A Treatise of Human Nature):
⁃ gelijkenis
⁃ associaties / relaties (verbondenheid)
⁃ oorzaak en gevolg
⁃ Hier ga ik mee aan de slag.
Morele Helderheid van Martha Nussbaum - (het begrip morele helderheid kom ik, als boek, bij Susan Neiman tegen)
⁃ Hier ga ik mee aan de slag.
Morele afwegingen bij het wegen van strijdige belangen tussen individu en groep (gemeenschap, samenleving).
Wanneer ben je aan het filosoferen en wanneer ben je gewoon aan het praten?


Na stemming bleef de vraag betreffende het individuele belang en het gemeenschappelijk belang over. In organisaties, bij het maken en uitvoeren van nieuw beleid, als overheid bij (her)inrichting en bij de inschatting van risico’s en bij het voorkomen ervan strijden regelmatig de belangen van individuen met die van een groep/gemeenschap/organisatie. Zijn er deugdelijke handvatten om in dergelijke strijdige belangen goede besluiten te kunnen nemen?

Al gauw komt dat het utilitarisme om de hoek kijken: Het grootste goed voor de grootste groep. Natuurlijk mogen hierbij Socrates en het varkentje niet vergeten worden, nl. dat het goede voor de grootste groep alleen gekend kan worden door die partij/persoon die van beide partijen het goede kent en dus kan bepalen wat het grootste goed is. Maar het utilitarisme geeft niet altijd voldoende houvast.

Wanneer je de casus nl. omdraait, dan kun je je afvragen of er een belang (een goed) zo groot is dat je martelen kunt toestaan. Natuurlijk is dit kort door bocht, omdat je iemand niet echt een goed ontneemt maar daadwerkelijk kwaad toe brengt, maar toch. Wanneer we iemand opsluiten, dan is er toch niet sprake van een wezenlijk andere situatie. De marteling is dan wellicht niet lichamelijk, maar de opsluiting grijpt wel degelijk fysiek en geestelijk aan en deze opsluiting dient het algemeen belang.

Kun je individuele schade afkopen? Dit gebeurt nog al eens bij het uitvoeren van overheidsbeleid, en dan vooral bij herinrichting waarbij mensen huis en haard moeten verlaten ten bate van infrastructuur of (openbare) groenvoorziening. Al gauw komt hierbij de gedachte op dat je niets kunt doen zonder schade. En zelfs het niets doen levert schade op, dat vormt immers de reden waarom er iets gedaan wordt. ‘Ruimte voor de rivier’ of ’sloop en nieuwbouw van oude sociale woningbouw’ betekent dat mensen hun huis uit moeten, maar het niet uitvoeren van deze werkzaamheden levert (mogelijk) meer schade op.

Compensatie gaat er vanuit dat iedere mens denkt ‘what’s in it for me?’ Vanuit deze gedachtengang kan alle schade dus min of meer kan worden afgekocht. Zodra de benadeelde partij het gevoel heeft ‘hierdoor ga ik er op voortuit’ kan de situatie voor alle partijen met een bevredigende oplossing afgesloten worden. Hiervoor is wel een handvat nodig, nl. het redelijke evenwicht. En om dit te kunnen vaststellen is het nodig om te kunnen bepalen wat de belangen zijn, wat de schade is, en wat de reikwijdte van beide is, voor alle betrokken partijen. Redelijkheid en billijkheid liggen dan heel dicht bij elkaar.

De reikwijdte maakt wel meteen een ander probleem zichtbaar, nl. het verschil tussen lange en korte termijn. Vaak is de schade voor het individu direct zichtbaar en voelbaar. De schade voor de groep die voorkomen moet worden, heeft vaak zijn impact op de lange termijn en soms gaat het zelfs over een potentieel risico, bijvoorbeeld bij het versterken van de dijken. Er is een heel kleine kans op een doorbraak (met grote schade tot gevolg) maar de schade voor diegene die moet verhuizen is best flink en lijkt op korte termijn onoverbrugbaar, zeker als de persoonlijke geschiedenis samenvalt met de plek waar die persoon woont. Daarbij speelt ook onzekerheid een belangrijke rol. Onzekerheid is een slechte raadgever, zowel ten aanzien van de keuze voor het algemeen belang als ten aanzien van de schade die kan berokkenen. Onzekerheid en onduidelijkheid lijken vaak erger dan dat wat we weten.

Gesteld wordt dat ambitie, in tegenstelling tot onzekerheid, wel een goede raadgever is. In overleg kunnen ambities worden geconcretiseerd en hierdoor kunnen tegenstrijdige belangen worden opgeheven. Door te focussen op de ambities van mensen kun je op zoek naar dat wat mensen helpt om dit te realiseren en hoe de compensatie kan bijdragen aan die realisatie van de ambities. Dit is een werkwijzen die bijvoorbeeld door Machiavelli wordt geanalyseerd. Door mensen aan te spreken op hun persoonlijke doelen en ambities en hoe dat ze deze kunnen realiseren door mee te werken kun je ze motiveren om bij te dragen aan het algemene belang. Een mens wordt zelden gemotiveerd door het argument ‘daar worden we met z’n allen beter van’.

Bij Habermas komen we de machtsvrije discours tegen. Een gesprek met alle betrokkenen waarbij iedereen probeert bij te dragen aan een open en eerlijk gesprek, zonder dat iemand meer of minder recht van spreken heeft. Iedereen moet spreken en denken naar juistheid, waarheid en waarachtigheid, waardoor de uitgangspositie voor alle partijen gelijk wordt en waarin alle belangen gelijkelijk gewaardeerd kunnen worden: Gedeeld begrip en de gezamenlijke oplossing overstijgen de macht. Waarheid gaat over de objectieve werkelijkheid (dat wat is), juistheid gaat over de sociale werkelijkheid (over dat wat we doen, en wat we de ander vragen) en waarachtigheid gaat over de persoonlijke werkelijkheid (zoals het beleefd wordt). Bij overeenstemming ten aanzien van de drie werkelijkheden ontstaat een gemeenschappelijke definitie van de situatie waarin we ons bevinden. Op basis hiervan ontstaat een gemeenschappelijk handelen dat probleemoplossingsgericht is.

Even terug naar de vraag, zijn er richtlijnen of handvatten die een goede afweging van belangen mogelijk maken, waarbij je weet dat er altijd een partij geschaad zal worden. Het lijkt er vooral op dat de schade niet te voorkomen is en dat zorgvuldigheid een belangrijke rol speelt. Zorgvuldigheid lijkt te vragen om compensatie, evenwicht, draagvlak, afweging van argumenten, etc. Overigens spelen hierbij ook individuele verschillen een rol. Door de persoonlijke geschiedenis / context is ook de beleving van de schade, ja zelfs of er sprake van schade is, voor de verschillende individuen anders.

Rechtvaardigheid lijkt dan een belangrijk aspect te zijn. Rechtvaardigheid, zeker zoals we dat bij Levinas tegenkomen, veronderstelt namelijk dat een besluit, maar ook de evt. compensatie en de hoogte hiervan begrijpelijk en passend is voor de onbekende derde. Ook iemand die op geen enkele manier bij de situatie is betrokken moet het gevoel hebben, wanneer hij kennis neemt van de situatie dat de oplossing redelijk en naar verhouding is.

En dan tot slot nog even Machiavelli. Hij concludeert dat het besturen van het land ten alle tijden geschied in het licht van het algemeen belang. Een bestuurder mag daar ook niet van afwijken. Het is eerder regel dan uitzondering dat handelen in het algemeen belang, individuele belangen schaadt. Dit kan niet voorkomen worden. En, zo stelt Machiavelli, is er geen enkele mogelijkheid om hier moreel op juiste wijze mee om te gaan. Politiek handelen is dus altijd a-moreel handelen. Een goede politicus denkt daar niet over na. Echter, zijn handelen moet wel altijd goed/juist schijnen. Er moet dus wel altijd een goede en passende uitleg aan gegeven worden. Daarenboven moet een politicus ook voorkomen dat hij vijanden maakt, wat betekent dat er toch wel zeer zorgvuldig omgesprongen moet worden met die mensen die schade lijden omdat het algemeen belang hierom vraagt. Maar dit geheel kan (en mag) niet ethisch getoetst worden omdat moreel handelen gewoon niet mogelijk is.
blog comments powered by Disqus