Van samen denken word je wijzer

Democratie

Het recht van de sterkste

Enigszins verwondert het mij wel dat bij de informatie- of inspraakbijeenkomsten betreffende asielzoekers de boze tegenstanders meer gehoor lijken te vinden dan de voorstanders die zich veel minder, of zelfs helemaal niet roeren. Het is natuurlijk altijd een probleem binnen een democratie dat alleen de tegenstanders van hun stakingsrecht of de mogelijkheid tot protest gebruik maken. Nu ligt het al in de woorden besloten. Woorden als instemmingsbetoging, akkoordactie of voorstandersbijeenkomst kent ons woordenboek niet. Mensen die het met het beleid eens zijn, die roeren zich niet. De tegenstanders van een plan of een besluit zijn meestal heel wat zichtbaarder.

Dat ze zichtbaarder zijn, en vaak ook groter lijken, lijkt ook veroorzaakt te worden doordat ze meestal boos zijn. Een boze mens neemt meer ruimte in. Hij of zij wappert met zijn armen en spreekt met stemverheffing. Voor menigeen is alleen de verschijningsvorm van een boze mens al groot en bedreigend, ongeacht de inhoud van zijn spreken of de daden.

Toch zou het niet onverstandig zijn om onszelf kritisch te beschouwen wanneer we onze oren laten hangen naar een boos iemand. Boze mensen hebben namelijk een bijzondere blik op de wereld. Ze denken, als ze dat al lukt, in termen zoals vijanden en gevaar. Hun denken, als dat lukt, is logisch noch redelijk. Ze kunnen totaal niet (meer) relativeren, laat staan nuanceren. Iedere vorm van redelijkheid en zorgvuldig denken is de boze mens volstrekt vreemd. Hij kan alleen maar verstarren, vechten of vluchten. Wanneer een kind boos is, zal menig ouder het kind even aan de kant zetten en tot rust laten komen, tot dat het kind weer voor rede vatbaar is. Boze mensen zijn niet voor rede vatbaar.

Gaan we er dan misschien vanuit dat iemand die protesteert en zich op dat moment boos uit, van te voren goed en zorgvuldig heeft nagedacht over zijn standpunt, en de argumenten voor en tegen goed heeft onderzocht? Maar vaak werkt dit andersom, zo leert o.a. Spinoza ons, mensen voelen zich eerst aangedaan, waardoor de boosheid ontstaat, en ze gaan daarna op zoek naar de oorzaak en de argumenten die daarbij passen. Na het gevoel van boosheid wordt de aanleiding zichtbaar. En reken er maar op, dat er een reden is om boos te zijn. Dit blijkt zelfs bij hersenonderzoek zo te werken. Stimuleer de boosheid in de hersenen en mensen vinden een aanleiding in hun omgeving om boos te zijn en dat is niet de actie van de neuroloog, misschien wel het gedrag van de neuroloog: 'ik weet ook niet waarom, maar u maakt mij boos'.

Maar hoe kan het dan dat we naar boze mensen luisteren? Hun blik is vertroebeld, de reden is ver te zoeken, relativering en nuance ontbreken volledig. Het beeld dat ze schetsen van de situatie kun je dus nauwelijks adequaat noemen. Waarom luisteren we dan? Misschien wel omdat ze steeds harder gaan roepen, zeker als ze zich niet gehoord voelen? Wellicht hopen we, dat ze ophouden met roepen. Misschien wel omdat we bang zijn, omdat ze er zo agressief uit zien en we dus ons eigen vege lijf willen redden? Misschien omdat we denken, omdat ze zo groot lijken, dat ze met heel veel zijn, en dat het recht van de meerderheid van toepassing is. Vaak, zo blijkt, zijn ze in de minderheid! Waarom laten wij ons dan toch verleiden om in te stemmen met de bozen?

Zou het dan toch zo zijn dat het recht van de sterksten dan toch aanwezig is, dat een sterke boze mens meer rechten heeft dan een stille berustende mens? Als het het recht is van een boze mens dat we naar ze luisteren, dan hebben we in ieder geval een rechtvaardige rede om naar ze te luisteren.
Comments

Het uitverkoren volk

Het uitverkoren volk

Behoren wij tot het uitverkoren volk of moeten we ons toch echt zorgen gaan maken? We worden steeds vaker verblijd met ‘speciaal op onszelf toegesneden aanbiedingen’. De meest recentelijke berichten gaan over de ING bank. Op basis van de transacties op de bankrekening kunnen de relaties van de bank mij prachtige aanbiedingen doen. Wat jammer nu, dat ik niet bij de ING bank bankier. Of moet ik mijzelf gelukkig prijzen?

Het bijhouden van koopgedrag van klanten is iets van alle tijden. Een goede winkelier houdt bij wat de verschillende klanten bij hem kopen. En vaak is dat buitengewoon plezierig. Zo ben ik wel eens van een miskoop behoed omdat ik op het punt stond wijn te kopen die niet tot mijn gebruikelijke assortiment behoord. Kennelijk ben ik heel voorspelbaar, maar ik was toch wel blij met de controle vraag van de winkelier. Toch verwonderen die speciaal voor mij geselecteerde aanbiedingen mij wel. Zo gaat het zelden om producten die ik bij de betreffende groothandel, grootgrutter, of kruidenier koop, altijd zijn het producten die niet tot mijn specifieke voorkeuren behoren. Willen ze mij nu tegemoet komen met aanbiedingen voor producten die ik doorgaans koop of willen ze het voor mij compleet vreemde assortiment waar ze over beschikken onder mijn aandacht brengen? Wie wordt hier nu beter van? Het klinkt zo leuk ‘speciaal voor u geselecteerde aanbiedingen’. Deze zin zet mij er altijd even toe aan om onderzoek te doen of de buurman dezelfde productaanbiedingen ontvangt. Maar ja, dat zou natuurlijk kunnen omdat we in hetzelfde postcode gebied zitten. Dan zou ik toch verder moeten kijken, bij familie of vrienden. Maar die hebben wellicht eenzelfde klantprofiel?

Het is trouwens bijzonder om te weten welke gegevens het CBS en de belastingdienst uit een postcode gebied weten te halen, daar zouden heel wat winkelbedrijven van smullen om via deze gegevens hun producten/diensten onder de aandacht te kunnen brengen. Maar ja, dat mag niet, dat heeft te maken met privacy.

Dit zo bedenkende vraag ik mijzelf af waarom wij eigenlijk nog naar de stembus moeten - hier in de stad in november - ze weten immers alles al van ons, dan weten ze vast ook wel mijn politieke voorkeur. Misschien een interessante manier om een stemwijzer vorm te geven, onderzoek het bestedingspatroon, de winkels waar iemand koopt, de wijk waarin hij woont, zijn bron van inkomsten, zijn medisch dossier, etc etc etc. en er rolt vanzelf uit op welke partij iemand zal stemmen, ongeacht de inhoud van de politieke ideeën. Het CBS kan vast wel een statistisch model bedenken waarmee het stemgedrag met individuele kenmerken van individuen in relatie kan worden gebracht. Het CBS kan dan eens in de vier jaar vertellen hoe het er voor staat en dan kunnen de politieke vertegenwoordigers weer gaan formeren en aan het besturen slaan. Hebben we heel dat stem-circus niet meer nodig.

Misschien is dit ook wel de manier om erachter te komen wat er verder leeft onder de bevolking, van welk land dan ook, wat ze belangrijk vinden en hoe het land het beste geregeerd kan worden en welke wetten wenselijk zijn en welke niet? Het is maar hoe je al die gegevens die we verzameld hebben inzet. We koppelen die gegevens dan los van de individuen en dan hebben we ook geen problemen meer die ontstaan door de vraag ‘wie heeft nu dat vervelende of mensonterende besluit genomen?’. Een dergelijke aanpak zou naar mijn idee prima werken in de Krim, maar niet alleen daar, hoe zou onze wereld er dan uit zien, of zouden we dan geen grenzen meer hebben?
Comments